Ga direct naar hoofdinhoud
Visschep
Titel
Visschep
Datering
1740
Objectsoort
bestek, visschep
Objectnummer
5319

Arnoldus Coolhaas

meester in 1726

Bekijk volledige profiel
Materiaal
zilver
Techniek
zilver
Afmetingen
  • lengte 33 cm
  • breedte 12.3 cm
  • gewicht 170 gr
  • gehalte
Verwerving
overdracht (1926)
Opschriften en markeringen
keurmerk op achterzijde steel: stadskeur Utrecht (2x geslagen), jaarletter op achterzijde steel: E (E=1740), meesterteken op achterzijde steel: een haas springend uit de kool (in ovaal), opschrift en wapen: [wapen van de provincie Utrecht] // CONCORDIA RES PARVAE CRESCUNT
Opmerkingen
  • De schep heeft een in ranken opengewerkt blad, met in het midden een gestileerd visnet uitgezaagd. Afkomstig van de inboedel van het voormalig Utrechts Statenjacht (na 1801 Stadsjacht). De geschiedenis van de Utrechtse Statenjachten begint op 13 december 1664, wanneer de Haer Edelmogende Heren besluiten `omme te doen maken een bequaem jacht omme geemployeert te worden te water ten dienste van Haren Ed: mo: off derselver Gecommitteerden...'. Het vaartuig werd in de achttiende eeuw voornamelijk gebruikt voor het schouwen en beveiligen van de binnenwateren, voor vervoer van Heren Gedeputeerden en hun commissies en voor vermaak en spelevaren van particulieren die het jacht konden huren (zie: A. Graafhuis, 'Statenjachten en stadsjacht van Utrecht', Jaarboekje van Oud-Utrecht (1960), p.144-145). In 1758 werd het vaartuig vervangen door een nieuw jacht. Aan het eind van de eeuw besloten de Statenleden dit weer te verkopen en een ander jacht aan te schaffen. Vanwege de hoge kosten werd dit jacht van de hand gedaan en op 14 februari 1801 werd de stad Utrecht de nieuwe eigenaresse. De inboedel werd apart aangekocht. Voor het zilverwerk betaalde de stad ruim 555 gulden (Graafhuis 1960, pp.150-151). Vanaf 1703 bleef van de Statenjachten allerlei tafelzilver bewaard (zie inv. nrs. 5318, 5320, 5321/001-002, 5322/001-014, 5324/001-006, 5325/001-006, 5326/001-002, 5327/001-006 en 5328).
Rechten
Publiek domein