Ga direct naar hoofdinhoud

Tweedelige japon bestaande uit lijfje en rok

Anoniemca. 1876
Tweedelige japon bestaande uit lijfje en rok

Tweedelige japon bestaande uit lijfje en rok

Een van de eerste japonnen die in de collectie van het Centraal Museum werd opgenomen, is deze avondjapon uit 1876. De oorspronkelijke eigenares van dit modieuze kledingstuk was de nicht van -oud-directrice en conservator- Carla de Jonge, Annette Lucie Koch-van Rappard (1857-1928). Deze in Nederlands-Indië geboren dame trouwde in Leiden met de Zwitserse consul en weduwnaar Ferdinand Koch (1847-1900). Jonkvrouw Koch-van Rappard woonde sindsdien in Scheveningen, maar reisde ook vaak door Europa, met name naar Parijs. In deze hoofdstad van de mode kocht ze vermoedelijk deze japon van het modehuis Emile Pasquier. De helder blauwe rok met gedrapeerde sleep en het lijfje van goudgele en blauwe ciselé fluweel moeten veel indruk gemaakt hebben op omstanders. In de voering van de onderrok zitten drie strikbanden onder elkaar, om de rok zijn kenmerkende vorm te geven. Een ander voorbeeld van 'verborgen' raffinement zijn de loodjes in de voering van het lijfje. Daardoor bleef het lijfje goed op zijn plek zitten.Een van de eerste japonnen die in de collectie van het Centraal Museum werd opgenomen, is deze avondjapon uit 1876. De oorspronkelijke eigenares van dit modieuze kledingstuk was de nicht van Carla de Jonge, Annette Lucie Koch-van Rappard (1857-1928). Deze in Nederlands-Indië geboren dame trouwde in Leiden met de Zwitserse consul en weduwnaar Ferdinand Koch (1847-1900). Jonkvrouw Koch-van Rappard woonde sindsdien in Scheveningen, maar reisde ook vaak door Europa, met name naar Parijs. In deze hoofdstad van de mode kocht ze vermoedelijk deze japon, evenals de twee ontwerpen van Emile Pasquier, die ook in deze zaal te zien zijn. De helder blauwe rok met gedrapeerde sleep en het lijfje van goudgele en blauwe ciselé fluweel moeten - net als nu - veel indruk gemaakt hebben op omstanders. In de voering van de onderrok zitten drie strikbanden onder elkaar, om de rok zijn kenmerkende vorm te geven. Een ander voorbeeld van 'verborgen' raffinement zijn de loodjes in de voering van het lijfje. Daardoor bleef het lijfje goed op zijn plek zitten. De smalle taille, kleine maat en de constructie onder de rok zorgen voor extra uitdagingen bij het opstellen van deze japon.
Maker
Anoniem
Titel
Tweedelige japon bestaande uit lijfje en rok
Datering
ca. 1876
Objectsoort
dameskleding, japon, jurk
Objectnummer
4468/001-002
Materiaal
zijde, fluweel
Techniek
zijde, fluweel, kant, katoen, katoenen batist; naaldkant, jacquard geweven, Ciselé fluweel
Afmetingen
  • ruglengte lijfje 62 cm
  • mouwlengte 22 cm
  • roklengte 170 cm
  • zoomwijdte 310 cm
  • 001 hoogte 83 cm
  • 001 breedte 67 cm
  • 001 diepte 1 cm
Verwerving
bruikleen (1922)
Geassocieerde onderwerpen
Opschriften en markeringen
:
Rechten
Publiek domein
Documentatie
Catalogus van het Museum van Oudheden [1904], supplement
Een eeuw Nederlandsche Mode, C.H. de Jonge, Querido (Amsterdam, 1941), 235 p.
Kostuumafdeling, [Hanneke Adriaans], Centraal Museum (Utrecht, 1979), [4] p.
Mode en kostuums, Hanneke Adriaans, Saskia Kuus, Centraal Museum (Utrecht, 1996), 647 p.
Uit de Mode : collectie van het Centraal Museum, Voorw. Bart Rutten, tekst Ninke Bloemberg, Anne-Karlijn van Kesteren, Rosalie Sloof … [et al.], Centraal Museum (Utrecht, 2017), 142 p.