Ga direct naar hoofdinhoud

Lijkkleedversierselen, priem en passer

Lijkkleedversierselen, priem en passer
Titel
Lijkkleedversierselen, priem en passer
Datering
1636
Objectnummer
3021/001-002

Anoniem Utrechts

Bekijk volledige profiel
Materiaal
zilver
Techniek
zilver
Afmetingen
  • priem lengte 8.7 cm
  • priem gewicht 12.5 gr
  • passer lengte 11 cm
  • passer gewicht 16.5 gr
Verwerving
overdracht [ws] (1957)
Geassocieerde onderwerpen
gilden (Utrecht) (sociaal-economisch)
Opschriften en markeringen
inscriptie op de priem (gegraveerd): H. POLLITX // I. MELDER // C. VWEI // D.D. QVAI. O. D., inscriptie op de passer (gegraveerd): H. POLLITX // I. MELDER // C VWEI // D.D QUAI. O.D.
Opmerkingen
  • Afkomstig van het Kleermakers- of Snijdersgilde, later Kleermakersbus genoemd. Op de stukken de namen van Hercules Pollits, Joost Melder (ook wel Mulder genoemd) en Cornelis Verwei. Zij waren in 1636 oudermannen en busmeester van het Kleermakersgilde. Dirck de Quai was in dat jaar oud-deken (o.d.). Vermoedelijk is van de stellen van twee slechts één priem en één passer bewaard gebleven. Tot 1997 (publicatie van de collectiecatalogus Metalen) was de datering: 17de eeuw
Rechten
Publiek domein
Documentatie
Atlas van platen, behoorende bij het 2e deel (nieuwe reeks) van de Verhandelingen uitgegeven door Teylers Tweede Genootschap (De Noord-Nederlandsche gildepenningen), J. Dirks, De Erven F. Bohn (Haarlem, 1879), CXLIII bl.
Catalogus van het Historisch Museum der stad [1928, cat. nrs. 2891-4142], W.C. Schuylenburg, Centraal Museum (Utrecht, 1928) (Utrecht), VII + 734 p.
Catalogus van het Museum van Oudheden [1878], supplement, S. Muller Fz., J.L. Beijers (Utrecht, 1878)
Catalogus van het Museum van Oudheden [1904], door S. Muller Fz.. S. Muller Fz., W. Leijdenroth (Utrecht, 1904) (1904)
Edele en onedele metalen. De verzamelingen van het Centraal Museum Utrecht [edele metalen cat. nr. 1-250], Louise E. van den Bergh-Hoogterp; B. Dubbe, Centraal Museum (Utrecht, 1997)
De Noord-Nederlandsche gildepenningen : tweede deel, wetenschappelijk en historisch beschreven en afgebeeld door Jacob Dirks, De Erven F. Bohn (Haarlem, 1878), VIII, 422, 63 p.