Object
Piëta met Maria Magdalena
Piëta met Maria Magdalena
De adellijke Mechtelt van Lichtenbergh is een van de weinige vrouwelijke schilders die bekend is uit de 16de eeuw. Deze piëta, een treurende Maria met haar gekruisigde zoon Jezus op schoot, schilderde zij in Utrecht. Daar was Jan van Scorel dé schilder van religieuze voorstellingen en portretten. Was zij misschien bij hem in de leer? Te zien aan haar krachtige mensfiguren zou je denken van wel. Jezus’ trouwe volgelinge Maria Magdalena, die ons recht aankijkt, is mogelijk geportretteerd naar een bestaand persoon. [tekst 2023]
- Titel
- Piëta met Maria Magdalena
- Datering
- 1546
- Objectsoort
- schilderij
- Objectnummer
- 18073
- Collectie
- beeldende kunst, schilderkunst, schilderkunst tot 1850
- Materiaal
- paneel
- Techniek
- olieverf op paneel
- Afmetingen
- hoogte 94.4 cm
- breedte 116.5 cm
- hoogte (met lijst) 131.2 cm
- breedte (met lijst) 152 cm
- diepte (met lijst) 10.5 cm
- gewicht 20.8 kg
- Verwerving
- aankoop (1973)
- Trefwoord
- historie, N.T., Bewening van Christus (?), Maria Magdalena (Heilige)
- Opschriften en markeringen
- signatuur en datering l.o. (met verf): mechtelt va[n] lichte[n]berch // me fecit 1546 (boven de eerste e van lichteberch een liggend streepje), opschrift op de originele lijst: IN GREMIO MATRIS CHRISTI VENERABILE CORPVS // DEPOSITV[M], MADIDIS O HOMO CERNE GENIS // NA[M]TVA CERTA SALVS A CHR[IST]O PRINCIPE PENDET, // QVI PRO TE SUBIIT PROBRA, FLAGELLA, NECE[M], stempel achterzijde rechts van het midden: S
- Opmerkingen
- Originele lijst. De vertaling van het opschrift op de lijst luidt `Aanschouw, o mens, met wangen nat van tranen het eerbiedwaardige lichaam van Christus, neergelegd in de schoot van zijn moeder. Uw zekergestelde heil hangt immers af van Christus, de koning, die voor u beschimping, geseling en kruisdood onderging.' Als auteur zou de rector van de Hieronymusschool in Utrecht, Georgius Macropedius (1487-1558) in aanmerking kunnen komen. Vertaling tekst en suggestie auteur A.M.M. Dekker. De piëta-groep is gekopieerd naar een anoniem zestiende-eeuws paneel (afmetingen en verblijfplaats onbekend), waarop aan weerszijden van de piëta-groep stichters zijn afgebeeld. Zie Helmus 1989, afb. 9.
- Rechten
- Publiek domein
- Elck zijn waerom : vrouwelijke kunstenaars in België en Nederland 1500-1950, Katlijne van der Stichelen en Mirjam Westen. met bijdragen van Maaike Meyer ... [et al.], Ludion ([S.l.], 1999), 400 p.
- Mechteld toe Boecop en de Kamper Laatste Avondmalen : een iconografische studie, Jan Laurens Siesling, Waanders (Zwolle, [1980]), 88 p.
- Schilderkunst tot 1850. De verzamelingen van het Centraal Museum Utrecht [cat. nrs. 1-290], Liesbeth M. Helmus, Centraal Museum (Utrecht, 1999)
- Vrouwen en kunst in de Republiek : een overzicht, red. Els Kloek, Catherine Peters Senghers, Esther Tobé, Uitgeverij Verloren (Hilversum, 1998), 191 p.
- 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis, samengest. door Els Kloek, Vantilt (Nijmegen, 2013), 1556 p.
- Mannen door vrouwen : vijf eeuwen kunst, met artikelen van: Els Kloek, Linda Barendse, Bodei Toussaint. Met een column van: Fleur van Groningen, Stedelijk Museum, Zwolle (Zwolle, 2014), p. 62
- Goud- en zilversmeden in Kampen van de veertiende eeuw tot heden, Errol van de Werdt met bijdragen van Kees Schilder en Janjaap Luijt, Stedelijk Museum Kampen (Kampen, 1999), 154 p.
- Centraal Museum Utrecht Mededelingen nr. 3, (Centraal Museum Utrecht Mededelingen, Aflevering: 3, 1973-07)
- Een onbekend schilderij van Mechteld van Lichtenbergh, J. de Coo, (Gazet van Antwerpen, 1949-03-22)
- Het portret van Olga Borski-Sillem. Poseerde zij met haar huwelijksgeschenken?, Hanneke Adriaans, (Kostuum : jaaruitgave van de Nederlandse Vereniging voor Kostuum, Kant, Mode en Streekdracht, Aflevering: 1996, 1996), p. 28-42
- Kleding op Utrechtse portretten, J.M. (Hanneke) [drs.] Adriaans-Buij, (Beeldaspecten : maandblad van de Vereniging Leraren beeldende Vakken, Jaargang: 7, Aflevering: 6, juni 1995), p. 5-9
- Maria Magdalena in Utrecht : van de middeleeuwen tot nu, Lieke Wijnia en Annabel Dijkema, (Jaarboek Oud-Utrecht, 2020), pp. 234-251




